Défi-minister Gosuin maakt het Brussels niet-dringend ziekenvervoer op maat van de Franstaligen

Door Liesbet Dhaene op 2 maart 2018, over deze onderwerpen: Tweetaligheid

Deze middag werd de Brusselse ordonnantie van niet-dringend ziekenvervoer gestemd in het Brussels parlement. “Met deze ordonnantie bewijst bevoegd Défi-minister Gosuin dat Brusselse bevoegdheden niet gebruikt worden om regelgeving op maat van Brussel te maken, maar wel op maat van de francofonie, mét uitsluiting van Vlaanderen en zonder garantie op Nederlandstalige dienstverlening”, aldus Brussels N-VA-parlementslid Liesbet Dhaene, “Het is onbegrijpelijk dat minister Vanhengel, die samen met Gosuin bevoegd is, dit laat begaan.

De Brusselse ordonnantie van niet-dringend ziekenvervoer is een copy-paste van deze van de Franse Gemeenschapscommissie (FGC) en werd klakkeloos overgenomen uit Wallonië. Nadruk wordt gelegd op de “nauwe” samenwerking met de FGC. Een samenwerkingsakkoord wordt gesloten om een gezamenlijke permanente overlegcommissie op te richten met Brussel en de FGC. Zonder Vlaanderen, terwijl ook Vlaanderen in Brussel bevoegd is voor het niet-dringend ziekenvervoer.

Bovendien zijn de garanties met betrekking tot de kennis van het Nederlands binnen de diensten voor niet-dringend ziekenvervoer onvoldoende om de tweetaligheid van deze diensten te garanderen. De Brusselse realiteit toont aan dat een vage bepaling, zonder preciseringen op vlak van controle en sanctionering, niet voldoende is om echte tweetaligheid te garanderen. Denk maar aan de IRIS-ziekenhuizen en de zogezegd “tweetalige” Brusselse wachtdienst.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is